KLIK HIER VOOR INFORMATIE
OVER DE SITE

COLUMNS

Over belevenissen en inzichten

CLICK HERE FOR
THE PARENT SITE
and SITE SEARCH


Parfumgebruik

Hij was een mannetje die handelde in lompen en oude metalen. Niet omdat hij niet op een andere manier zijn brood kon verdienen, maar omdat dit nu eenmaal in zijn leven zo was gelopen. En ja, het feit dat hij wel enigszins eigengereid was, had daar geen goed aan gedaan. Maar sommige mensen hebben nu eenmaal de intelligentie om zich, ondanks een gebrek aan stimulerende omstandigheden in hun jeugd, toch goed zelfstandig te kunnen redden. Financieel had hij door zijn handeltje ook geen centje pijn. In feite was hij 'een goedverdienend zelfstandige', althans zo is men op zeker moment dit soort mensen gaan noemen. En door zijn professie had hij alle vrijheid van de wereld. Hij was in het geheel niet afhankelijk van een baas, die hem als werkgever de wetten zou kunnen gaan voorschrijven. Nee, dat was zijn grote geluk! En door zijn handeltje kwam hij bij heel veel mensen over de vloer. Zijn succes had voor een deel ook wel te maken met zijn karakter, dat door veel mensen best wel werd gewaardeerd. Nee, meegaand was hij niet, maar dat was ook nauwelijks een tekortkoming in een wereld waarin er nog maar enkele decennia terug zoveel ellende was ontstaan. Namelijk door mensen die ál te meegaand de bevelen van een buitengewoon gevaarlijke volksmenner hadden opgevolgd.

Onder de mensen had hij een zekere populariteit opgebouwd. En men had toch ook eigenlijk wel waardering voor zijn streven om zich met zijn handeltje in het leven te kunnen redden. In ieder geval had niemand last van hem! Hij woonde in een klein huisje op een mooi stil plekje aan de rand van een Fries provinciestadje. En hij had daar in zijn huisje, naar zijn grote tevredenheid, zo nu en dan gezelschap van een aantal van zijn opgroeiende kinderen. Zijn eigen kinderen! Zijn vrouw had hem verlaten, maar daardoor liet hij zich in het geheel niet uit het veld slaan. Het huisje waarin hij woonde was redelijk primitief. Maar het stond op een ideaal plekje aan het viswater, waarin hij zijn grote hobby kon uitoefenen. Namelijk het vissen op palingen. Zijn hobby die hem overigens óók nog eens de nodige proviand verschafte. Hij en zijn kinderen waren dol op de palingen die hij in dat viswater voor hen allen wist te vangen. Zo langzamerhand kreeg hij in zijn eigen regio grote bekendheid. Dat kwam voor een groot deel ook door zijn andere hobby. Namelijk het schilderen van alles wat hij zoal in zijn directe omgeving waarnam. En ja, hij was een scherp waarnemer! Althans zo betitelde menige bewonderaar van zijn schilderijen hem. De schilderijen die hij maakte deden niet onder voor de foto's die tegenwoordig door vele anderen zo lukraak van hun leefomgeving worden gemaakt. De gedetailleerdheid van de afbeeldingen op zijn schilderijen werd door heel veel mensen, die zijn schilderijen zagen, mateloos bewonderd.

Mensen zoals hij, die ondanks hun simpele leventje, toch in staat zijn om schitterende dingen te maken, krijgen algauw heel veel bekendheid. Vooral als zij dan ook nog eens in een populair t.v.-programma hun opwachting blijken te maken. En ja, over mensen als hij, die ondanks alles ook voor hun eigen gevoel best wel een geslaagd leventje leiden, kan men gemakkelijk een genoeglijk t.v.-programma doen vullen. Dit mannetje had wel eens aan bepaalde mensen verteld, dat hij zich nooit ging wassen. Niet in het minst omdat hij in zijn kleine huisje nu eenmaal niet de beschikking had over een badkamer. Voor een interviewer van een dergelijk t.v.-programma is dat natuurlijk een prachtig item om aandacht aan te gaan schenken. Want iemand die zich nooit zegt te wassen, moet immers wel erg smerig zijn. Tenminste dat wil het grote publiek maar al te gemakkelijk gaan geloven. Maar mensen die dit mannetje goed kenden, wisten wel 'dat de vork heel anders in de steel stak', want dit mannetje zag er daarvoor niet smerig genoeg uit. En zij wisten ook dat hij de sterke neiging had om zijn eigen uitspraken flink aan te dikken. Nee, dachten de mensen in zijn omgeving, hij zegt zich dan wel nooit te gaan wassen, maar hij zwemt wel regelmatig in het water waaruit hij zijn palingen naar boven haalt. Dus smerig kon hij nauwelijks zijn.

Een man als Napoleon Bonaparte, de vroegere keizer van Frankrijk, zei ook dat hij zich nooit waste. Dat terzijde! Daar was voor de keizer overigens ook niet al te veel gelegenheid voor tijdens het leiden van zijn leger, dat vanuit Frankrijk een voettocht richting Moskou was gaan ondernemen. Maar keizer Napoleon, die door zijn positie met heel veel mensen contact had, had natuurlijk wel begrepen, dat die vele contacten nauwelijks mogelijk waren als van heinde en verre te ruiken zou zijn geweest dat hij stonk. Napoleon had dan ook de gewoonte om zich iedere dag van top tot teen met parfum te laten insmeren. Zijn positie als keizer van het grote Franse rijk, werd dan ook beslist niet door wanstaltige geuren zijnerzijds bedreigd.

Het lijkt er op dat keizer Napoleon zich als man geneerde om te gaan douchen. En het nemen van een bad zal in die tijd onder mannen ook zeker wel op weerstand hebben gestuit. Want dat was typisch iets voor vrouwen. Douches waren er in die tijd niet in de Franse badkamers. Toen ikzelf als jonge knaap, in de vorige eeuw een drietal maanden in Frankrijk verbleef, verwonderde ik mij nogal over het ontbreken van een douche bij het gastgezin waar ik verbleef. Ik had in die dagen vrij smerige werkzaamheden te verrichten en op een zondag wilde ik wel eens het Franse vrouwelijk schoon gaan ontmoeten. Dus moest ik mij wel even van top tot teen zien te reinigen. Maar een douche was daarvoor dus niet in de badkamer van mijn gastgezin aanwezig. Wel was er een bad aanwezig. Maar dat bad was blijkbaar slechts voor de vrouwelijke gezinsleden bedoeld. Want de spullen die er bij dat bad waren uitgestald waren duidelijk alleen voor vrouwen bedoeld. Toch moest ik mijzelf zien te reinigen, dus nam ik toen toch maar een bad. Maar ik betwijfelde wél af of dat wel zo gebruikelijk was in het land waar het gebruik van parfum door mensen zo algemeen gangbaar was. Toen ik goed en wel in het bad zat, kwam de 'pater familias' de badkamer in. Blijkbaar om met eigen ogen te zien of het werkelijk waar was, wat hij van zijn gezinsgenoten had gehoord. Namelijk dat die Hollandse jongen werkelijk, als een vrouw, een bad was gaan nemen. De uitdrukking op zijn gezicht sprak boekdelen. Dit was daar blijkbaar hoogst ongebruikelijk voor een man. Ook al was die man in feite nog 'een jonge man'. Maar goed, voor mij gold: 's lands wijs, 's lands eer'. Als 'echte Hollandse man' durfde ik het toen niet aan om mij met de parfums, die daar volop ter beschikking stonden, te gaan insmeren. Bovendien: ik was er lang niet zeker van dat die parfums wel werkelijk een aantrekkelijke geur zouden gaan verspreiden, zoals ik had vernomen. Oftewel een geur die de nodige feromonen zouden doen verspreiden. Van de reukmiddeltjes die mijn zussen in Holland plachten te gebruiken, wist ik dat deze vaak slechts een duffe en veel te zoete geur verspreidden en niets anders dan dat. Al sinds de oudheid wordt er parfum gemaakt in de Mediterraanse landen. Het gebruik van een lekker luchtje werd in de achttiende eeuw zelfs verkozen boven een wasbeurt met zeep.

In de badkamer van mijn gastgezin ontbrak dus een douche. Maar er was wel een kraan op kniehoogte aanwezig. Een kraan waaruit, bij het opendraaien van de kraan, een opvallend krachtige straal water tevoorschijn kwam. Als jonge Hollandse jongen was dat voor mij ook een raadsel, want waar zou die kraan toch warempel voor zijn bedoeld? Toch niet om er de knieŽn mee te gaan schoonmaken? Nee, dat vond ik niet erg logisch. Maar raadsels zijn er om te worden opgelost. Dus toen ik daar op zeker moment naar vroeg bij een jonge huisgenoot van het Franse gezin, kwam ik erachter dat het hier ging om een zekere nekdouche. Een douche die er voor diende om bij vrouwen met lange haren even snel hun nek te doen afspoelen, dus zonder hun lange haren nat te doen worden. In andere landen dan het eigen thuisland, raakt men wel vaker met vreemde gebruiken geconfronteerd. Toen ik tijdens mijn treinreis richting Frankrijk op zeker moment ronddoolde op een erg groot station, moest ik iets doen wat Fransen omschrijven als 'faire caca'. Maar waar kon ik dat doen? Op mijn zoektocht op het station had ik slechts een groot uitgevallen 'soort urinoir' gevonden, met een vies gat in de vloer. Maar een urinoir moest ik voor het oplossen van mijn probleem niet hebben. Dus vroeg ik op zeker moment aan een medewerker van de Franse spoorwegen op mijn beste Frans: Excusez moi monsieur: 'il me faut faire caca, mais je ne sais pas où je le peut faire. De betreffende medewerker van de spoorwegen was er blijkbaar wel aan gewend dat treinreizigers hem soms op de meest merkwaardige manieren aanspraken. Dus ook zonder de in het Frans zo gebruikelijke uitgebreide plichtplegingen. Enfin, de medewerker van de spoorwegen verwees de jonge treinreiziger toen naar een ruimte waarboven een bordje hing waarop het woord 'Gents' was vermeld. Ja, en daar was hij al eerder geweest, dat was de ruimte waarin zich enkel en alleen een gat in de vloer bevond. Maar hij had geen 'envie de faire pipi'. Hij had een heel andere aandrang. 'Maar goed, dan moet dat hier maar gebeuren', dacht hij. Aan de zijwanden van die kleine ruimte bleken zich gelukkig wel enkele handgrepen te bevinden. Dus kon hij hier zijn figuurlijke eitje wel kwijt. Ook al was er dan geen papier aanwezig om dit alles op een propere wijze te kunnen gaan afronden. Hij wist toen niet dat het de bedoeling was om daarvoor het kraantje te gebruiken dat daarvoor aan de wand van het toilet was aangebracht. Hoe moest hij dat ook weten?

De nacht daaraan voorafgaande had hij heel chique doorgebracht in een hotel in de buurt van 'le gare du Nord' in de Lichtstad van Frankrijk. Dáár op die kamer was gelukkig niet zo'n stinkgat aanwezig voor het losen van de 'menselijke uitwerpselen'. Nee, daar bevonden zich vlak naast elkaar zelfs twéé toiletten. Dat had hij wel wat overdreven veel van het goede gevonden en dan óók nog zo dicht bijelkaar. Toen hij op zeker moment, in het holst van de nacht zijn 'boodschap' in één van die toiletten had achtergelaten, bleek deze niet goed te kunnen worden weggespoeld. En ja, de consistentie' van zijn achtergelaten faeces' was ook niet bepaald laag. Maar daar moest zo'n toilet toch wel op berekend zijn', dacht hij. Enfijn, hij bleef daar maar één enkele nacht. Het hotelpersoneel zal wel vaker vreemde viezigheden tegenkomen in een hotelkamer', bedacht hij zich. Hoe kon hij ook weten dat het vermeende toilet, waarin hij zijn 'boodschap' had achtergelaten slechts een bidet was. Zoveel extra-ordinaire hygiëne was hij in zijn propere land van herkomst ook weer niet gewend geweest.